Boek ‘Johann Sebastian Bach en de Italiaanse barok’

Faas_AllaManieraItaliana_CVR-1

Mei 2016 verscheen bij uitgeverij Aspekt:  ‘Johann Sebastian Bach en de Italiaanse barok’  Alla maniera Italiana. 

Het concerto, de triosonate, de cantate met zijn aria´s en recitatieven. Al deze genre´s waarin Bach zijn meesterschap heeft getoond, zijn ontwikkeld in Italië. Als autodidact bestudeerde Bach werken van Italiaanse meesters, hij bewerkte ze, en hij voerde ze uit. Italiaanse invloeden, dikwijls afkomstig uit de in opkomst zijnde opera, brachten frisheid en virtuositeit in zijn muziek, maar ook dramatiek, zoals in de Matthäus Passion. In Alla maniera Italiana wordt Bach tegen deze achtergronden belicht, en dan ook vanuit verschillende rollen, zoals die van vader, broer, leraar, vriend, componist en uitvoerend musicus.
Net als in Dansen met Bach schetst Wim Faas in een mix van historische feiten en literaire fictie een levendig beeld van de grootste componist aller tijden. Voor hen die nog niet zo bekend zijn met Bach levert Alla maniera Italiana een originele kennismaking op, Bach-kenners daarentegen zullen verrassende nieuwe gezichtspunten ontdekken.
Alla maniera Italiana wordt gecomplementeerd met een unieke serie korte portretten van Italiaanse componisten wiens composities Bach heeft bewerkt en veelal ook daadwerkelijk heeft uitgevoerd.

Met een voorwoord van Ton Koopman

Recensies:

http://www.klassiek-centraal.be/?q=recensie/de-italiaanse-smaak-bachs-muziek-0

https://www.opusklassiek.nl/boeken/faas_bach2.htm

Foto’s van de boekpresentatie op 7 mei in de Noorderlichtkerk te Zeist, m.m.v. Tineke Steenbrink (orgel, klavecimbel) en Judith Steenbrink (viool).

IMG_1706

IMG_1699

Tineke Steenbrink en Judith Steenbrink

IMG_1795

Eerste exemplaar voor ‘Vivaldi’

 

Meest recente berichten

Corelli en Bach

19. corelli

Op zijn sterfdag, 8 januari, klinken er in het Pantheon in Rome ieder jaar concerti grossi en triosonates van Corelli. Het is het muzikale genre waar deze musicus zijn stempel op heeft gezet. Corelli was één der grootste Italiaanse barokcomponisten en is in deze bijzondere kerk bijgezet.
Corelli werd op 17 februari 1653 geboren nabij Ravenna. Algauw bleek hij een talent voor het vioolspel te hebben. Op zijn dertiende vetrok hij naar Bologna, destijds een belangrijk centrum voor kamermuziek. Hier ontwikkelde hij zich tot een uitmuntend violist. Op zijn negentiende vervolgde hij zijn studie in Rome, de stad waar hij altijd zou blijven. Hij kreeg aanstellingen als concertmeester bij de naar Rome uitgeweken koningin Christina van Zweden en later bij de machtige kardinalen Panfilli en Ottoboni. Het maakte dat Corelli zich in financiële zin nooit zorgen hoefde te maken. Naast componist bleef hij vermaard als violist en kreeg hij een belangrijke reputatie als vioolleraar.
Corelli componeerde alleen instrumentale muziek: concerti grossi, triosonates en sonates voor viool.  Het is niet zo dat hij deze vormen ontwikkeld heeft, maar met de kwaliteit van zijn werken bewerkstelligde hij wel dat deze vormen met hun specifieke opbouw de standaard werden tot aan het eind van de barokperiode. Ook Bachs triosonates grijpen dus terug op die van Corelli.
Met zijn (viool)muziek streefde Corelli geen virtuositeit na. Voor hem ging het om bewogen, lyrische  composities met mooie ‘zang’lijnen en harmonieën. Vergeleken met iemand als Vivaldi is zijn oeuvre klein, maar daar staat tegenover dat al zijn werken van hoge kwaliteit zijn. Hij bleef dan ook altijd aan zijn composities schaven voordat hij tot publicatie overging. Publiceren deed Corelli net als veel andere Italianen bij de Amsterdamse uitgever Estiene Roger. Via Prins Johann Ernst van Saksen-Weimar die hier bladmuziek aanschafte, leerde Bach zo ook het werk van Corelli kennen. In één werk van Bach is de inbreng van Corelli evident: de Fuga in b-klein (BWV 579). Deze orgelcompositie krijgt gewoonlijk dan ook de ondertitel ‘op een thema van Corelli’ mee. Bach heeft het thema geleend uit de Sonata da chiesa in b- minor (opus 3, no. 4), een compositie voor strijkinstrumenten. Het tweede deel van deze triosonate, een Vivace, bestaat uit slechts 39 maten en telt twee thema´s. Bach spint deze thema’s uit tot een fuga van maar liefst 102 maten waarbij hij de harmonie aanpast en een vierde stem toevoegt. Met hulp van Corelli creëerde Bach zo een uitermate boeiend en mooi orgelwerk.

Op zijn sterfdag, 8 januari, klinken er in het Pantheon in Rome ieder jaar concerti grossi en triosonates van Corelli. Het is het muzikale genre waar deze musicus zijn stempel op heeft gezet. Corelli was één der grootste Italiaanse barokcomponisten en is in deze bijzondere kerk bijgezet.
Arcangelo Corelli werd op 17 februari 1653 geboren nabij Ravenna. Algauw bleek hij een talent voor het vioolspel te hebben. Op zijn dertiende vetrok hij naar Bologna, destijds een belangrijk centrum voor kamermuziek. Hier ontwikkelde hij zich tot een uitmuntend violist. Op zijn negentiende vervolgde hij zijn studie in Rome, de stad waar hij altijd zou blijven. Hij kreeg aanstellingen als concertmeester bij de naar Rome uitgeweken koningin Christina van Zweden en later bij de machtige kardinalen Panfilli en Ottoboni. Het maakte dat Corelli zich in financiële zin nooit zorgen hoefde te maken. Naast componist bleef hij vermaard als violist en kreeg hij een belangrijke reputatie als vioolleraar.
Corelli componeerde alleen instrumentale muziek: concerti grossi, triosonates en sonates voor viool.  Het is niet zo dat hij deze vormen ontwikkeld heeft, maar met de kwaliteit van zijn werken bewerkstelligde hij wel dat deze vormen met hun specifieke opbouw de standaard werden tot aan het eind van de barokperiode. Ook Bachs triosonates grijpen dus terug op die van Corelli.
Met zijn (viool)muziek streefde Corelli geen virtuositeit na. Voor hem ging het om bewogen, lyrische  composities met mooie ‘zang’lijnen en harmonieën. Vergeleken met iemand als Vivaldi is zijn oeuvre klein, maar daar staat tegenover dat al zijn werken van hoge kwaliteit zijn. Hij bleef dan ook altijd aan zijn composities schaven voordat hij tot publicatie overging. Publiceren deed Corelli net als veel andere Italianen bij de Amsterdamse uitgever Estiene Roger. Via Prins Johann Ernst van Saksen-Weimar die hier bladmuziek aanschafte, leerde Bach zo ook het werk van Corelli kennen. In één werk van Bach is de inbreng van Corelli evident: de Fuga in b-klein (BWV 579). Deze orgelcompositie krijgt gewoonlijk dan ook de ondertitel ‘op een thema van Corelli’ mee. Bach heeft het thema geleend uit de Sonata da chiesa in b- minor (opus 3, no. 4), een compositie voor strijkinstrumenten. Het tweede deel van deze triosonate, een Vivace, bestaat uit slechts 39 maten en telt twee thema´s. Bach spint deze thema’s uit tot een fuga van maar liefst 102 maten waarbij hij de harmonie aanpast en een vierde stem toevoegt. Met hulp van Corelli creëerde Bach zo een uitermate boeiend en mooi orgelwerk.

Beluister/bekijk het werk:


In het boek ‘Johann Sebastian Bach en de Italiaanse barok’ staan o.a. 19 portretten van Italiaanse componisten waar Bach mee aan het werk is geweest.

  1. Bachs Derde Brandenburgse concert: kinderspel? 3 reacties
  2. Ich elender Mensch, wer wird mich erlösen (BWV 48) Geef een reactie
  3. Fietsen  door de streek van Bachs jeugd 1 reactie
  4. Waarom heten zoveel Bachs Johann? 1 reactie
  5. Pasen is een hardloopfeest en Bach loopt mee! Geef een reactie
  6. Dwarriël, een eigenzinnig engeltje Geef een reactie
  7. Vioolspel bij de kribbe Geef een reactie
  8. Elke vogel zingt zijn lied 1 reactie
  9. Dansen met Bach Geef een reactie